In de zomer van 1976 was Deventer volledig in de ban van de opnames. De binnenstad werd daarvoor flink onder handen genomen. Zo werden naambordjes afgeplakt en kregen huizen een nieuw likje verf. Ook meldden duizenden mensen uit de omgeving zich aan voor een rol als figurant. Voor tien uur werk kreeg je 68 gulden.

Naast naamsbekendheid, werk en reuring leverden de filmopnames Deventer ook flink wat geld op. De gemeente kreeg in totaal 5 miljoen gulden van het productiehuis. De première in 1977 ging wel aan de neus van Deventer voorbij. Die vond plaats in de Verenigde Staten.

Stiekem op de set

Veel Deventenaren kunnen zich de opnames nog goed herinneren. Zo ook Fred Rosenkamp. Als 18-jarige raakte hij bevriend met een loopjongen van de producent en wist hij met een nagemaakt pasje op de set van de oorlogsfilm te komen. “Door die jongen heb ik de mooiste foto’s kunnen maken, zonder dat mensen argwaan kregen”, vertelt hij glimlachend aan RTV Oost.

Uiteindelijk kon Rosenkamp maandenlang op de set lopen zonder op te vallen. Wel ging het een keer bijna mis. “Ik liep op de set regisseur Richard Attenborough tegen het lijf. Kwajongen als ik was, vroeg ik hem of ik met hem mee mocht kijken. Dat leek hem niet zo’n goed idee. Attenborough was nog geen seconde verdwenen of er stonden al beveiligers om mij heen. Of ik dat niet nog een keer wilde flikken.”

2021-04-26 11:35:34

Aangeboden door: nos.nl