Waar komt het geld vandaan?

De EU deelt dus maximaal 807 miljard euro uit en gaat hiervoor geld lenen op de internationale kapitaalmarkt. Dat doet de EU zes jaar lang, van 2021 tot en met 2026, ieder jaar zo’n 135 miljard.

Van die 807 miljard bestaat het grootste deel, 386 miljard, uit leningen aan landen. Die moeten dat geld later dus weer terugbetalen. Dat kost de EU dus in principe niks. Maar de EU staat wel garant. Als een individueel land zo’n lening dus niet kan terugbetalen draait de EU, oftewel de EU-landen gezamenlijk, ervoor op.

Subsidiegeld hoeft niet terug

Het andere grote deel, 338 miljard, bestaat uit subsidies. Landen hoeven dat geld dus niet terug te betalen aan de EU. Maar de EU heeft dat geld geleend en moet dus wel terugbetalen.

De EU neemt daar de tijd voor, dat moet tussen 2028 en 2058 gebeuren. Waar dat geld vandaan komt, is nog niet helemaal uitgekristalliseerd. Naast de verplichte jaarlijkse bijdragen van lidstaten voor de EU-begroting, wil de EU de komende jaren juist steeds meer eigen inkomsten aanboren om dit geld terug te betalen.

Nieuwe belastingen

Sinds januari heft de EU al belasting op plastic verpakkingen die niet gerecycled worden. En halverwege dit jaar komt de EU met meer plannen, zoals een CO2-heffing voor producten van buiten de EU en een heffing op digitale diensten.

In 2024 moeten daar nog meer inkomstenbronnen bijkomen, zoals een belasting op financiële transacties en een Europese winstbelasting voor bedrijven.

Deze nieuwe belastingen zijn natuurlijk nog maar plannen van de Europese Commissie, de EU-landen moeten er nog mee akkoord gaan. Als de EU niet genoeg eigen inkomsten krijgt, dan zal een groter deel van de leningen terugbetaald moeten worden uit de bijdragen van de lidstaten.

2021-04-29 19:20:12

Aangeboden door: nos.nl