Regina Sluszny (80), voorzitter van het Forum van Joodse Organisaties kon amper nog ademhalen toen ze vorig jaar de karikaturen voorbij zag komen. “Ratten, geldkisten, diamanten, dat zijn de karikaturen die de Duitsers gebruikten om de Joden kapot te maken.” Ze diende de doorslaggevende klacht in.

De week voor het carnaval is Sluszny op een basisschool in Aalst om kinderen te vertellen over de tijd dat ze ondergedoken was in de Tweede Wereldoorlog. Hoewel ze op veel scholen in België spreekt, is het geen toeval dat ze op de school in Aalst is deze week. Ze had een e-mail ontvangen waarin een moeder haar uitnodigde omdat haar dochter had gevraagd of “wij nu boos zijn op de Joden, of dat het de Joden zijn die boos zijn op ons”.

Volgens Sluszny is dat het probleem. “Het zijn de kinderen die de karikaturen tijdens het carnaval zien en het niet begrijpen.”

Gesprek van de dag

Terug op het terrein waar het hele jaar door aan de wagens wordt gesleuteld is de ophef van vorig jaar nog steeds het gesprek van de dag. Onder de groepen heerst angst om dezelfde heisa als vorig jaar over zich heen te krijgen.

“Het carnaval zal proberen niet kwetsend te zijn maar zal zich ook niet inhouden,” zegt Guy Walgraef, de terreinbeheerder. “Een Aalstenaar is een anarchist. Wij willen ons feest vieren zoals wij alle jaren doen.”

2020-02-21 17:29:18

Aangeboden door: nos.nl