De Turkse president Erdogan vliegt donderdag naar Moskou om met president Poetin te praten over de oplopende spanningen in de Syrische provincie Idlib. Erdogan hoopt een staakt-het-vuren te bereiken.

Idlib is het laatste gebied in Syrië dat nog in handen is van rebellen die strijden tegen de Syrische president Assad. Zijn regeringsleger is met militaire steun van Rusland een offensief begonnen om de provincie te heroveren. Turkije steunt de rebellen en heeft de afgelopen weken duizenden militairen naar Idlib gestuurd om de opmars van het Syrische leger te stoppen.

Vluchtelingen klem

Bij bombardementen op Idlib zijn tientallen Turkse militairen om het leven gekomen. Vorige week sneuvelden er 33 bij een luchtaanval, het grootste aantal Turkse doden op één dag. Gisteren haalde Turkije twee Syrische gevechtsvliegtuigen neer. Ook werd een Syrisch militair vliegveld in de buurt van Aleppo vanuit de lucht bestookt.

Door de gevechten zitten honderdduizenden vluchtelingen klem tussen de oprukkende Syriërs en de Turkse grens. Turkije verwijt de EU niets te doen aan de crisis in Idlib en wil meer geld om de vluchtelingen op te vangen. Afgelopen donderdag begon Turkije daarom met het doorlaten van vluchtelingen richting de Griekse grens. Volgens de Verenigde Naties hebben zich daar de afgelopen dagen zeker 13.000 migranten verzameld.

Oorlogsmisdaden

Onderzoekers van de Verenigde Naties concluderen dat zowel Rusland als Turkije zich mogelijk schuldig hebben gemaakt aan oorlogsmisdaden in Syrië, meldt persbureau Reuters.

In een rapport over de periode juli 2019 tot februari 2020 wordt melding gemaakt van Russische luchtaanvallen op een markt en een opvangkamp, waarbij tientallen burgers omkwamen. Daarnaast hebben door Turkije gesteunde milities volgens de VN burgers gedood en plunderingen gepleegd bij aanvallen op Koerdische gebieden. Als die militieleden onder Turks bevel stonden, zijn Turkse bevelhebbers mogelijk aansprakelijk voor oorlogsmisdaden.

2020-03-02 12:47:40

Aangeboden door: nos.nl