De Surinaamse krijgsraad gaat op 30 april verder met de inhoudelijke behandeling van het Decembermoordenproces tegen oud-president Desi Bouterse. De raad verwierp vandaag alle bezwaren in de zogeheten verzetszaak die de advocaat van Bouterse, Irwin Kanhai, had aangedragen. Daarmee is de weg vrijgemaakt voor inhoudelijke behandeling van zaak.

Bouterse werd in 2019 bij verstek veroordeeld tot 20 jaar gevangenisstraf voor zijn aandeel in de moordpartij op tegenstanders van het regime in 1982. Vanwege het verstekvonnis had hij niet de mogelijkheid om in hoger beroep te gaan, maar moest hij eerst verzet aantekenen. De zitting van vandaag ging over deze verzetszaak.

Volgens advocaat Kanhai is onder meer het toetsen van de omstreden amnestiewet, die Bouterse en andere verdachten vrijpleitte, voorbehouden aan een burgerrechter en niet aan een strafrechter, zoals de krijgsraad. Hij wil dat de raad zich onbevoegd verklaart. Ook zou de dagvaarding van Bouterse niet aan de wettelijke vereisten hebben voldaan en dus nietig moeten worden verklaard.

Getuigen

Verder had de toenmalige auditeur-militair die de dagvaarding had getekend dat volgens Kanhai niet mogen doen, omdat hij toen nog niet benoemd was. De rechter, Cynthia Valstein-Montnor, ging niet mee in de tegenwerpingen van de verdediging van Bouterse.

“In theorie wordt de zaak opnieuw behandeld, zal bij de volgende zitting het verhoor van Bouterse beginnen, en mag Bouterse met zijn getuigen komen”, legt correspondent Nina Jurna uit. “Uiteindelijk volgt een vonnis en dan kunnen beide partijen, zowel het OM als Bouterse, nog in hoger beroep. We zijn er dus nog lang niet.”

Bouterse zei na afloop van de zitting dat hij nog niet weet of hij getuigen zal oproepen. “Ik houd me met andere zaken bezig dan waar we net vandaan komen. Dus ik maak me niet druk over getuigen.”

De oud-president werd buiten de rechtbank opgewacht door zijn aanhangers:

2021-03-31 19:31:50

Aangeboden door: nos.nl