Dat de Voedselbank meer structurele klanten krijgt, is verrassend, zegt Stella Hoff, armoede-onderzoeker bij het Sociaal en Cultureel Planbureau. “Er is al vijf jaar economische bloei in Nederland. En dus daalt de armoede”, zegt ze. Maar, niet iedereen profiteert.

Hoff: “Er is een groep die achterblijft en waar de armoede dieper wordt. Mensen die nu arm zijn, hebben een inkomen dat een stuk verder onder de armoedegrens ligt dan een paar jaar geleden.”

Ook lector Schulden en Incasso aan de Hogeschool Utrecht, Nadja Jungman, ziet een groep die klem zit tussen steeds hogere vaste lasten en inkomens die niet meestijgen.

“De feitelijke werkelijkheid wijkt bij hen af van de papieren werkelijkheid van koopkrachtplaatjes. Voor de koopkracht worden normen en gemiddeldes gebruikt. Maar door de aanhoudende krapte op de huizenmarkt is het bijvoorbeeld moeilijker om huizen te vinden die verhuurd worden voor de normhuur die gebruikt wordt voor koopkrachtberekeningen.”

Geen noodhulp meer

En dus is deze groep vaker op de Voedselbank aangewezen om hun individuele situatie recht te breien, terwijl het in plaatjes van beleidsmakers lijkt alsof alles goed geregeld is. Dat is een zorgelijke ontwikkeling volgens de Voedselbanken.

“We willen geen structurele oplossing zijn voor een maatschappelijk probleem”, zegt bestuurslid Pien De Ruig. “Op een gegeven moment kun je niet meer spreken van noodhulp.”

De landelijke koepel van Voedselbanken moet dit voorjaar bedenken hoe ze om wil gaan met de voortdurende groei van klanten, zonder uitzicht op financiële verbeteringen.

“Een gewetensvraag”, zegt lector Jungmann. “Ze dienen als noodhulp, maar zullen hulpbehoevenden die langdurige hulp nodig hebben niet graag wegsturen. Eigenlijk staat de Voedselbank met de rug tegen de muur. De echte oplossing ligt bij de overheid.”

2020-03-03 08:02:57

Aangeboden door: nos.nl