De uitstoot uit kolencentrales is vorig jaar gehalveerd, als gevolg van een sterke daling van het gebruik van steenkool. Tegelijkertijd is het aandeel van biomassa in de energiesector sterk toegenomen, met ruim 130 procent, blijkt uit cijfers van de Nederlandse Emissie Autoriteit.

De CO2-uitstoot van alle Nederlandse bedrijven die vallen onder het Europese emissiehandelssysteem is in 2020 gedaald met 11,5 procent. De emissieautoriteit registreert de uitstoot van 419 grote bedrijven die samen goed zijn voor ongeveer de helft van alle Nederlandse CO2-uitstoot.

Voor het derde opeenvolgende jaar daalt de CO2-uitstoot van de energiesector sterker dan van de industrie. De uitstootdaling komt voor een deel door corona. Maar de opvallenste verschuiving is die van steenkool naar biomassa (bijvoorbeeld het verbranden van afval- en resthout, biobrandstoffen en GFT-afval) in de energiesector.

Volgens directeur Mark Bressers van de NEA is dit het resultaat van twee factoren. “Wat we nu zien is een combinatie van beleid door de politiek, en de hogere prijs die bedrijven moeten betalen om CO2 te mogen uitstoten. Het is bewust beleid geweest om het gebruik van steenkool te verminderen, onder meer vanwege de doelstelling uit het Urgenda-vonnis. Je ziet dat dat meteen een fors effect heeft.”

Fel debat over biomassa

De CO2 die vrijkomt bij het verstoken van biomassa telt formeel niet mee. Juist dit aspect is de afgelopen jaren onderwerp van fel debat in politiek en samenleving. De NEA mengt zich niet in de discussie, en voert alleen de regels uit die daarvoor zijn afgesproken. Mark Bressers: “Voor de inzet van biomassa hoeven bedrijven nou eenmaal geen CO2-uitstootrechten te kopen.”

Het gaat bij deze cijfers overigens alleen om het grootschalige verstoken van biomassa in kolencentrales. De biomassa die wordt gebruikt in honderden kleinere installaties verspreid over het land, wordt niet geregistreerd bij de NEA, eenvoudigweg omdat ze niet groot genoeg zijn.

2021-05-05 07:00:53

Aangeboden door: nos.nl