Het is hoe dan ook vandaag een plechtig moment voor de 150 Kamerleden als ze de eed of belofte afleggen. Voluit luidt die:

“Ik zweer (verklaar) dat ik, om tot lid van de Staten-Generaal te worden benoemd, rechtstreeks noch middellijk, onder welke naam of welk voorwendsel ook, enige gift of gunst heb gegeven of beloofd. Ik zweer (verklaar en beloof), dat ik, om iets in dit ambt te doen of te laten, rechtstreeks noch middellijk enige belofte heb aangenomen of zal aannemen. Ik zweer (beloof) trouw aan de Koning, aan het Statuut voor het Koninkrijk en aan de Grondwet. Ik zweer (beloof) dat ik de plichten die mijn ambt oplegt getrouw zal vervullen.”

Daarna zal klinken: “dat beloof ik” of “zo waarlijk helpe mij God almachtig”. In dat laatste geval is het de bedoeling dat het Kamerlid de twee voorste vingers van zijn rechterhand aaneengesloten opsteekt, zo staat het in de voorschriften.

2021-03-31 06:00:02

Aangeboden door: nos.nl