Met nog geen 60.000 inwoners lijkt Groenland misschien een kleine speler op het wereldtoneel. Toch keken enkele grootmachten deze week mee met de verkiezingen op het eiland, dat officieel bij Denemarken hoort. De reden: de strijd rond een mijn waar zeer gewilde mineralen en metalen kunnen worden gedolven.

Volgens de voorlopige uitslag heeft de linkse Inuit Ataqatigiit-partij (IA) de verkiezingen gewonnen. Die partij, tegenstander van het mijnbouwproject in het zuiden van het land, kreeg meer dan een derde van de stemmen. Partijleider Egede heeft al gezegd dat hij de ontwikkeling van de mijn zal stilleggen.

Zijn IA-partij versloeg de sociaaldemocratische Siumut. Die partij is al sinds 1979 vrijwel onafgebroken aan de macht. De huidige premier Kielsen is voorstander van het exploiteren van de mijn, hoewel daar ook binnen zijn partij onenigheid over is. Dat interne gedoe leidde tot het uitschrijven van de vervroegde verkiezingen van gisteren.

Omstreden mijn

De mijn die een hoofdrol speelde in de verkiezingscampagne heet Kvanefjeld. Er kunnen zeldzame aardmetalen worden gedolven die gebruikt worden voor de productie van bijvoorbeeld smartphones, windmolens en accu’s voor elektrische auto’s. Maar bij de winning van die metalen komt ook uranium vrij, een radioactief metaal.

“Dat maakt exploitatie van de mijn omstreden”, zei NOS-correspondent Rolien Créton eerder in radioprogramma Nieuws en Co. “Tegenstanders zijn bang voor milieuschade, vervuiling van grond- en drinkwater. Ook maken ze zich zorgen over het mijnafval, dat in een stuwmeer zou worden opgeslagen.”

Maar er zijn ook veel voorstanders: “Die denken aan de inkomsten en extra banen, die in Groenland hard nodig zijn. Ook leidt het mijnbouwproject waarschijnlijk tot nieuwe infrastructuur, een haven en een fabriek.”

Op de foto bij deze tweet (van twee jaar geleden) is het gebied rond de mijn te zien:

2021-04-07 14:40:35

Aangeboden door: nos.nl